Inclusief communiceren

JNM wil zoveel mogelijk jongeren in contact brengen met natuur en milieu. Daarom willen we open zijn voor iedereen. Meer diversiteit brengt veel meer rijkdom van visies, kennis, ideeën... mee. Dat is enkel goed voor onze JNM-ambities! Een van de vele kleine stapjes die we zetten binnen JNM, is inclusief communiceren. Doe je mee? 

Wat is inclusieve communicatie? 

Inclusieve communicatie: 

  • Bereikt en betrekt zoveel mogelijk mensen 

  • Is helder en begrijpelijk voor iedereen 

  • Beeldt iedereen op een positieve manier af, en stereotypeert niet 

Waarom inclusief communiceren? 

Volgens De Zuidpoort vzw heeft 1 op 2 volwassenen in Vlaanderen het moeilijk om met informatie om te gaan (informatie vinden, begrijpen en hanteren). Dat is een enorm grote groep! 

Inclusieve communicatie is bovendien goed voor iedereen. Het maakt je boodschap duidelijker.

Hoe kan je inclusief communiceren?

Wat wil je zeggen of overbrengen? Wat is essentiële informatie en wat is bijzaak? Wat wil je dat de mensen écht meenemen, en wat is fijn dat ze weten, maar is minder belangrijk? 

Check je boodschap ook na, is die: 

  • Kort? 

  • Helder? 

  • Toegankelijk? 

  • Positief? 
    Inclusieve communicatie is positief en vrij van stereotypen. We doorbreken bestaande rolpatronen, en bevestigen geen stereotypen. 

Wie wil je bereiken? Wie moet jouw boodschap ontvangen en zich erin herkennen? 

Maak een keuze: ofwel communiceer je in de breedte, ofwel in de diepte. 

  • Communiceren in de breedte = communiceren naar een brede groep.
    Ga op zoek naar wat je doelgroepen verbindt. Binnen JNM zijn natuur en milieu bijvoorbeeld twee verbindende thema’s. Maar wat verbindt kinderen en jongeren binnen JNM daarnaast nog? Ga op zoek naar een universele eigenschap van je doelgroep(en). 
     
    Bijvoorbeeld: voor de eerste keer naar de JNM komen is voor elk kind en elke jongere spannend. 

  • Communiceren in de diepte = communiceren naar een specifieke doelgroep.
    Wil je een specifieke doelgroep aanspreken? Denk dan eerst na of je dit in een algemene, brede, communicatie kan doen. Idealiter communiceer je altijd op een manier die zoveel mogelijk mensen bereikt, en pas je je algemene communicatie aan om drempels die mensen ervaren weg te werken. 

    Moet je toch iets communiceren naar een specifieke doelgroep? Lees je dan goed in en stel vragen aan mensen die meer kennis hebben over communicatie met die specifieke doelgroep. 
     
    Zorg dat je communicatie nooit mensen stigmatiseert of reduceert tot één persoonskenmerk.

    Kijk bijvoorbeeld eens naar het filmpje van Tumult vzw waarin ze uitleggen wat “op kamp gaan” betekent. Ze geven specifieke geruststellingen voor bijvoorbeeld moslimouders, maar spreken hen aan vanuit hun rol als bezorgde ouder, en niet vanuit hun identiteit als moslim. 

Structuur is súperbelangrijk! 

  • Zet het belangrijkste bovenaan, zodat mensen die je tekst niet volledig lezen ook je boodschap begrepen hebben. 

  • Gebruik kleur om de aandacht te trekken.  

Opsomming? Gebruik bullet points en leg bovenaan je lijst uit wat je opsomt. 

Gebruik duidelijke beelden die je boodschap ondersteunen. 

Denk goed na welk beeld je boodschap ondersteunt. Gebruik geen verkleuterende tekeningen die weinig bijdragen. 
Tip: Op TheNounProject kan je veel duidelijke pictogrammen vinden.  
Tip: Gebruik de sjablonen van heldere ‘beeldbrieven’.

Gebruik niet te veel tekst 

Gebruik korte, actieve zinnen en beperk je tot de essentie. 
Actieve zinnen zijn zinnen zonder “worden”, waarin het onderwerp duidelijk is. Zinnen met “worden” zijn passieve zinnen, en het onderwerp is minder duidelijk. 

Bijvoorbeeld:  
Passieve zin: “Je rugzak wordt meegenomen door de leiding.” Actieve zin: “De leiding neemt je rugzak mee.” 

Nuance is mooi, maar lezen is voor veel mensen een uitdaging. Veel tekst werkt dan afschrikkend en ontmoedigend. 

Woordgebruik: duidelijk en niet te poëtisch 

  • Gebruik eenvoudige woorden.  
    Check of het woord dat je wil gebruiken in de ”eenvoudige woordenlijst” staat. Staat het er niet in? Zoek synoniemen of bouw je zin anders op. 
     
    Heb je al een tekst geschreven? Check of je tekst in leesniveau B1 is geschreven. Dat is het leesniveau dat het best leesbaar is. 

  • Let op met beeldspraak. We zijn poëtische zielen die al eens graag een fiets beschrijven als een ‘stalen ros’. Dat woord is ontzettend verwarrend voor bijvoorbeeld mensen die het Nederlands nog aan het leren zijn. Wat is een ‘stalen ros’? Schrijf misschien gewoon ‘fiets’, als je inclusief wil schrijven.  
     
    Wil je toch graag een meer sprookjesachtige omschrijving van je activiteit? Zet dan de belangrijkste informatie wél duidelijk.
    Wat ga je doen, wanneer, waar en wat moet je meenemen? Zet deze informatie centraal, op een plek waar mensen automatisch beginnen lezen. Zet je poëtische tekst als “extra” op een minder centrale plaats.

  • Schrijf genderneutraal. Concrete tips en tricks om genderneutraal te schrijven in het Nederlands, Frans en Spaans vind je onder de rode knop "Genderinclusief communiceren".

Vorm

Ook de vorm waarin je je tekst zet, kan helpen om je tekst makkelijker leesbaar te maken. Enkele tips:  

  • Lettertype: gebruik een schreefloos lettertype. Dat wil zeggen zonder kleine streepjes aan het uiteinde van de letters. Bijvoorbeeld Helvetica, Verdana, Arial. 

  • Zet je lettergrootte voldoende groot. Minstens 13 pt 

  • Zet een paar belangrijke woorden in het vet 

  • Gebruik geen kolommen 

  • Zorg voor genoeg contrast. Contrast is het verschil in helderheid tussen twee kleuren. Dit is vooral belangrijk voor mensen met een visuele beperking. Anysurfer geeft concrete tips!

Heb je een mooi inclusief geschreven tekst, met heldere boodschap en toegankelijke structuur? Dan is de laatste stap je boodschap bij de lezers krijgen. 

De belangrijkste tip daarbij is: gebruik altijd meerdere kanalen. Bijvoorbeeld online én Euglena, brochure én mail... Zo komt je boodschap ook bij wie, bijvoorbeeld: 

  • Geen toegang heeft tot een smartphone of computer, of hier nooit mee heeft leren werken 

  • Geen Instagram- of Facebookaccount heeft of wil hebben 

  • Brieven thuis niet aankomen of gelezen worden 

  • ...

Zet ook altijd contactgegevens (telefoonnummer én e-mailadres) op je communicatie. Sommige mensen zijn verbaal sterker, anderen zijn schriftelijk sterker. Door beide opties aan te bieden, kan je drempels weghalen en kunnen mensen je contacteren als er iets niet duidelijk is.

Wil je meer weten over geslacht, gender, genderidentiteit, seksuele geaardheid...?
De genderkoek maakt het duidelijker! 

JNM kiest ervoor om teksten genderinclusief te schrijven en gebruik te maken van de genderinclusieve voornaamwoorden ‘die/hun’ om te verwijzen naar personen van wie we het gender niet kennen. Zo zorgen we ervoor dat iedereen zich kan herkennen en zich betrokken voelt in onze jeugdbeweging.

Genderinclusief schrijven is makkelijker dan je denkt. Vaak doen we het al intuïtief!
Enkele tips: 

Kies overkoepelende, inclusieve termen die niet verwijzen naar gender. 

Bijvoorbeeld:  

  • Alle JNM’ers worden uitgenodigd op de vergadering 

  • Beste ouders of voogd 

  • Liefste Ini’s 

Bestaat er geen overkoepelende term?

Gebruik de dubbele of driedubbele vorm van het woord. Je maakt hierbij één woord van de verschillende vormen die er van dat woord bestaan, en splitst ze met een ‘.’. 
 
Bijvoorbeeld: voorzit.st.er, vrijwillig.st.ers, werknem.st.ers, kampvoorzit.st.ers... 
 

Gebruik de voornaamwoorden die mensen aangeven.

JNM'ers en ook anderen zetten vaak hun voornaamwoorden in hun e-mailhandtekening, of geven dit op een andere manier aan.

Ken je de voornaamwoorden niet? Of richt je je tot een groep met meerdere genders?

Gebruik dan genderneutrale voornaamwoorden. 

  • Genderneutraal: die/hun 

  • Vrouwelijk: zij/haar 

  • Mannelijk: hij/hem 
     
    Bijvoorbeeld: Elke pieper neemt hun eigen tandenborstel mee op kamp. 

Vind je geen genderneutraal woord? 

Probeer je zin anders te maken. Of... wat houdt je tegen om nieuwe, genderneutrale woorden uit te vinden? Zorg er wel voor dat mensen begrijpen wat je bedoelt, dus leg het woord even uit!

Wil je meer weten over geslacht, gender, genderidentiteit, seksuele geaardheid...?
De genderkoek maakt het duidelijker! 

Gebruik de schrijftips hierboven ook in je spreektaal! 

Enkele extra aandachtspunten: 

Weet je iemands voornaamwoorden niet? Vraag het even.  
Je kan nooit aan iemand zien welke aanspreking die wil, en het is ook niet de bedoeling dat jij de keuze maakt voor iemand anders. 

Gebruik je een verkeerd voornaamwoord?  
Verbeter jezelf en ga gewoon door met het gesprek.  

Gebruikt iemand een verkeerd voornaamwoord voor jou of iemand anders?  

Verbeter hen kort, bijvoorbeeld: het is niet ‘zij’, maar ‘die’.  
Vind je dat eng? Gebruik dan in je antwoord de juiste voornaamwoorden. 

Groepen aanspreken?
Enkele voorbeelden hoe het kan: 

  • Hey piepers! 

  • Hey, ini’s! 

  • Mensen! Mensen! Mensen! 

  • Goedemorgen iedereen! 

  • Jullie worden zo opgehaald, vergeet jullie rugzak niet! 

Wil je meer weten over geslacht, gender, genderidentiteit, seksuele geaardheid...?
De genderkoek maakt het duidelijker!

Frans is geen makkelijke taal om genderinclusief of genderneutraal in te schrijven, laat staan om het te spreken. Dat heeft een paar redenen:

  1. In het Frans veranderen veel woorden mee met het gender (en het aantal) van het onderwerp. Als je inclusief wilt schrijven, moet je al die woorden dus aanpassen.

  2. De grammaticale regel “le masculin l’emporte sur le féminin” zorgt ervoor dat de mannelijke vorm standaard gebruikt wordt voor gender diverse groepen. Daar bewust van afwijken is niet zo evident. 

  3. Franstaligen zijn vaak trots op hun taal en eerder conservatief in hun taalgebruik. (Oké, dit is een beetje karikaturaal, maar het voelt soms wel zo.) Omdat inclusief schrijven nog niet overal aanvaard is, bestaat er ook geen vaste, universele manier om het te doen. 

Kortom: genderinclusief en -neutraal schrijven in het Frans kan op verschillende manieren. Het is nog volop in evolutie. Er is geen juist of fout: kies vooral wat voor jou goed voelt.

Wees niet bang om te proberen, fouten te maken of iets te vergeten. Het is soms wat chaotisch, maar tegelijk ook een kans om te experimenteren, nieuwe woorden te bedenken en met taal te spelen. Laat je gaan :)

4 tips om inclusiever Frans te schrijven

1. Kies een genderneutraal woord

Dit geldt eigenlijk voor alle talen. Zoek eerst of er al een neutraal alternatief bestaat: een synoniem of een andere formulering.
Bijvoorbeeld:
J’ai vu courir le personnel de l’entreprise.
Les enfants ont joué toute la journée; leurs parents viennent les chercher. 
Merci d’apporter un pique-nique. 
Bienvenue aux nouvelles personnes. 
Bienvenue à tout le monde.

2. Le point médian

De point médian wordt steeds vaker gebruikt en zou wel eens de norm kunnen worden. Het is vrij eenvoudig en goed leesbaar.

Zo ziet het eruit: ami·e·s, étudiant·e·s, fatigué·e. Dat puntje tussen de letters is dus de point médian.

Hoe werkt het?

  • Neem de mannelijke vorm

  • Voeg een punt toe + de vrouwelijke uitgang

  • Eventueel nog een punt + meervoud

Bijvoorbeeld: Les instituteur·ice·s étaient très satisfait·e·s de mon travail. Mes voisin·e·s de classe étaient très content·e·s pour moi.

Let op: dit werkt niet bij alle woorden (frère/soeur, copain/copine, …). 

3. Samensmelten van woorden

De point médian werkt goed in geschreven taal, maar niet in gesproken taal. Daarom kun je soms vormen samenvoegen.

Dit zie je vooral in activistische contexten.

Bijvoorbeeld:
Les spectateurices (Le spectateur - La spectatrice)
L’auteurice (L'auteur - L’autrice)
Mes copaines (Mes copains - Mes copines)
Elleux (Eux - Elles) --> Ce gâteau est à elleux.

4. Oude en nieuwe woorden

Oude woorden hergebruiken

Sommige vrouwelijke vormen zijn ooit verdwenen en worden nu opnieuw gebruikt, zoals peintresse of médecine. Dat is ook het geval van genderneutrale woorden. Een voorbeeld is adelphe (genderneutraal voor frère/soeur), vooral gebruikt in queer en activistische contexten.

Nieuwe woorden (neologismen)

Onze wereld verandert, dus soms heb je nieuwe woorden nodig.

Het bekendste neologisme is iel / ielle / iels (genderneutrale voornaamwoorden). Dit wordt vooral gebruikt voor personen die genderneutrale voornaamwoorden gebruiken, maar kan ook voor groepen.

Bijvoorbeeld: Iel est parti à la mer. Ielles descendent des escaliers.

Samengevat

De point médian is vandaag een van de meest gebruikte vormen van inclusief schrijven in het Frans. Het vraagt wat oefening, maar je krijgt het snel onder de knie.

Dus: leer die point médian shortcut van buiten en ga ervoor!

Heb je vragen? Wil je hulp of feedback op een tekst?
Stuur gerust een berichtje, ik help je graag verder :)
erinn (die/hun): +32 473/55.75.13 of erinn.laget@jnm.be

In het Spaans eindigen mannelijke woorden vaak op -o en -os en vrouwelijke op -a en -as.
Die kun je vervangen door een neutrale vorm: 

  • Met -e (meest gebruikt, zeker in gesproken taal):
    Bijvoorbeeld: Les niñes están cansades. 

  • Met @:
    Bijvoorbeeld: L@s niñ@s están cansad@s.

  • Met x:
    Bijvoorbeeld: Lxs niñxs están cansadxs.

Heb je vragen? Wil je hulp of feedback op een tekst?
Stuur gerust een berichtje, ik help je graag verder :)
erinn (die/hun): +32 473/55.75.13 of erinn.laget@jnm.be

Meer tips?

De checklists om inclusief te communiceren van hieronder helpen je verder!

Checklists om inclusief te schrijven

Meer lezen?

Deze 2 boeken kan je uitlenen bij JNM door te mailen naar inclusie@jnm.be

  • ‘Inclusieve communicatie – alles wat je moet weten om een divers publiek te bereiken’ van Hanan Challouki 

  • ‘Diversiteitscommunicatie’ van Ingrid Tiggelovend 

Vragen? Of fouten op deze pagina gezien?

Contacteer inclusie@jnm.be of communicatie@jnm.be