Drugs- en alcoholbeleid

< Ga terug naar Omgaan met

 

DRUGS EN ALCOHOL BINNEN JNM VZW

1    Inleiding

Waarom vinden we het als JNM belangrijk om een duidelijk afsprakenkader rond drugs, alcohol en roken op papier te zetten? Door afspraken te maken, in de vorm van een alcohol- en drugbeleid, kan iedereen elkaar makkelijker aanspreken op gedrag. Het is dan voor iedereen duidelijk wat wel of niet kan. Als JNM-leiding ben je verantwoordelijk voor het gedrag van je groep en je leden. Hoewel je niet verantwoordelijk kan zijn voor andermans gedrag, ben je wel verantwoordelijk voor het eigen gedrag, en voor hoe je reageert op het gedrag van anderen. Een duidelijk afsprakenkader (met duidelijke rode lijnen) biedt transparantie en een veilig kader aan alle JNM'ers (van gebruikers tot kampverantwoordelijken tot D&A, bestuurders en bovo's). Iedereen weet daar die aan toe is, en bevoegde instanties als het Bestuur krijgen een duidelijke handleiding om consequent en objectief inbreuken op het beleid te beoordelen.

Daarnaast is een drugs- en alcoholbeleid ook een manier om verschillende belanghebbenden, zoals ouders, in te lichten over onze kijk op de kwestie. Ouders en voogden vertrouwen hun meest kostbare bezit toe aan een groep jongeren, en dan is het ook belangrijk dat ze die jongeren kunnen vertrouwen. Hun kijk op alcohol, tabak en andere drugs verschilt vaak van die van de leiding of leden zelf. Een transparant drugs- en alcoholbeleid, en aandacht voor een correcte naleving ervan, is dus essentieel voor de vertrouwensband met ouders.

Tenslotte kan een helder drugs- en alcoholbeleid dialoog aanwakkeren en toekomstige problemen met middelengebruik voorkomen door deze bespreekbaar te maken.

Dit document zou idealiter een werkdocument moeten blijven en elk jaar opnieuw worden nagelezen en aangepast waar nodig. Het belangrijkste onderdeel van dit beleid is de discussie bij de totstandkoming van aanpassingen en nieuwe passages.

2    Visie JNM

2.1   Algemeen

'Iedereen met een hart voor natuur, los van achtergrond, overtuiging of geloof, is welkom bij JNM.' Wij hebben als doel JNM zodanig te organiseren dat iedereen met die gelijke interesses de weg kan vinden naar JNM en zich kan vinden in onze missie & visie, kortom dat al deze mensen zich thuis voelen in onze vereniging. Verantwoordelijkheid is daarbij een belangrijk begrip. Een JNM-activiteit wordt gedragen door begeleiding, maar ook door de aanwezige leden: samen zijn ze verantwoordelijk voor het goede verloop van de activiteit.

Langs de andere kant zijn we ons ervan bewust dat JNM een duidelijk en veilig kader moet bieden waarbinnen zijn leden kunnen leren omgaan met alcohol en/of drugs, waaronder ook nicotine. Hiermee bedoelen we niet dat de JNM een plaats is waar vrij geëxperimenteerd (lees: uitgeprobeerd) mag worden met allerlei substanties. We erkennen dat het thema ‘alcohol en drugs’ speelt in de leefwereld van jongeren. We willen daarom duidelijke kaders bieden die de veiligheid van onze leden waarborgt. ‘Leren omgaan met’ drugs en alcohol hangt voor ons noodzakelijk samen met bijleren: als iemand telkens opnieuw dezelfde verkeerde inschatting maakt, kan dat niet vergoelijkt worden als ‘leren omgaan met’. (Naast ‘herhaling’, ‘wettelijkheid’ en ‘veiligheid’ lijsten we onderaan de overige parameters op waarop we ons baseren om een casus te beoordelen.)

2.2   Alcohol

Voor alcoholmisbruik is er geen plaats binnen onze vereniging. JNM hanteert op al zijn activiteiten en evenementen (inclusief cursussen) de volgende basisregels:

  • We volgen steeds de wetgeving om te bepalen welke deelnemers er al dan niet alcoholhoudende dranken kunnen kopen of nuttigen.

  • Het meebrengen van eigen alcoholische drank is niet toegelaten.

  • Het alcoholvrije aanbod is steeds uitgebreider en goedkoper dan het alcoholische aanbod. 

  • JNM gaat bewust om met alcohol en voorziet geen overdreven aanbod ten opzichte van het aantal deelnemers. Het voeren van wedstrijdjes, ad fundums, etc… is verboden omwille van de verplichtende aard van de activiteiten.

  • Op elk moment en op elke activiteit moet ten minste 1 EHBO nuchter zijn. Deze functie kan binnen een kamp of meerdaagse activiteit doorgegeven worden mits goede afspraken.

Voor alcoholgebruik maken we onderscheid naargelang de leeftijd van onze leden. Piepers en ini’s (7-15 jaar) schenken we geen alcohol. Niet alleen omdat het wettelijk niet toegestaan wordt, maar ook omdat we er zelf van overtuigd zijn dat drankgebruik op die leeftijden vaak geen bewuste keuze is en vooral uit groepsdynamieken ontstaat. Daarnaast is het jonge lichaam vaak nog niet opgewassen tegen de gevolgen van drankgebruik en treedt verslaving sneller op. We verwachten van gewone leden (16-26 jaar) een bepaald niveau van verantwoordelijkheid, ook in drankgebruik. Daarom is verantwoord drankgebruik voor deze leeftijdsgroep toegestaan. Onder “verantwoord drankgebruik” verstaan we dat iemand de eigen grenzen voorzichtig leert kennen en aftasten. Onder “onverantwoord drankgebruik” valt alles waarbij je onevenredige schade toebrengt aan jezelf en/of schade aan anderen, of waarbij dwang of sterke groepsdruk komt kijken.  Elke vorm van onverantwoord drankgebruik door gewone leden of begeleiding wordt besproken met de activiteitenverantwoordelijke(n) (aangegeven op de website).

2.2.1 Alcohol op feestjes (incl. het zomercongres)

Naast de regels die hierboven vermeld staan, gelden er voor feestjes de volgende bijkomende regels:

  • Er moet, naast ten minste één EHBO-verantwoordelijke, ook minstens 1 verantwoordelijke/organisator van 18+ nuchter blijven

  • Vanaf 60 deelnemers dienen er minimaal 1 verantwoordelijke/organisator van 18+ en 2 EHBO-verantwoordelijken nuchter te zijn. Van deze nuchtere personen is minimaal één iemand in het bezit van een rijbewijs. Het drugs- en alcoholbeleid krijgt steeds een duidelijke plek in de activiteitenaankondiging.

  • Voor elke bijkomende schijf van 60 deelnemers (vanaf 120 deelnemers, 180 deelnemers,...) dient er telkens één bijkomend lid van het organisatorisch team nuchter te blijven.

    • Een voorbeeld: ik ben op een bondssecfeestje met 20 deelnemers. Er dient één organisator van 18+ nuchter te blijven, alsook de EHBO.

    • Een ander voorbeeld: ik ben op de Koers-AV met 60 deelnemers. Er dient één organisator van 18+ nuchter te blijven, alsook 2 EHBO’s. Eén van deze personen is in het bezit van een rijbewijs.

    • Een ander voorbeeld: ik ben op congres met 250 deelnemers. Er dient één organisator van 18+ nuchter te blijven, alsook 2 EBHO’s en 3 bijkomende leden van het organisatorisch team. Eén van deze personen is in het bezit van een rijbewijs.

  • De organisatie zorgt voor 2 verschillende kleuren bij de inkombandjes: een bandje voor –16-jarigen (geen alcohol toegelaten) en een bandje voor 16+ aanwezigen.

  • De regels en afspraken uit het drugs- en alcoholbeleid worden steeds duidelijk vermeld bij de aankondiging van het evenement. Daarnaast is het ook aangewezen de afspraken duidelijk op papier op te hangen aan de inkom en in de zaal of in de tent (in het bijzonder aan de bar). De organisatie kijkt toe op de correcte naleving van deze afspraken. Klachten worden door de evenementenverantwoordelijke, of daartoe aangewezen persoon binnen het organisatieteam, verzameld. Vervolgens worden ze doorgegeven aan de drugs- en alcoholverantwoordelijke, of (indien er geen D&A-verantwoordelijke is) een bovo.

2.2.2 Alcohol op kampen en meerdaagse activiteiten met overnachting

Naast de regels die hierboven vermeld staan, gelden er voor meerdaagse piep-, ini- en gewoneledenactiviteiten de volgende bijkomende regels:

  • De verantwoordelijke maakt op voorhand afspraken met de begeleiding of er al dan niet alcohol geconsumeerd wordt onder de begeleiding. Daarbij spreekt de groep ook af hoe ze omgaan met mensen die deze afspraken tijdens de activiteit/het kamp niet naleven. De volledige begeleiding let op het naleven van de gemaakte afspraken.

  • Vanaf 15 deelnemers is er naast de EHBO-verantwoordelijke ook één begeleider nuchter per 15 deelnemers.

    • Een voorbeeld: ik ben op kamp met 14 piepers. Enkel de EHBO-verantwoordelijke dient nuchter te blijven.

    • Een ander voorbeeld: ik ben op kamp met 32 piepers. De EHBO-verantwoordelijke en twee extra begeleiders (want >= 30 piepers) dienen nuchter te blijven.

  • Vanaf 60 deelnemers dienen er minimaal 2 EHBO-verantwoordelijken nuchter te zijn en één chauffeur.

  • Op een gewoneledenkamp of meerdaagse activiteit met gewone leden kan de nuchtere EHBO-verantwoordelijke of bijkomende begeleiding die nuchter blijft  ook een +16-jarig lid zijn dat geen deel uitmaakt van het KC, op voorwaarde dat minstens één KC-lid nuchter blijft en hier de eindverantwoordelijkheid over draagt. Er worden duidelijke afspraken gemaakt met de desbetreffende persoon, die eveneens expliciet moet instemmen met het opnemen van deze verantwoordelijkheid.

  • Het drugs- en alcoholbeleid krijgt steeds een duidelijke plek in de convo of activiteitenaankondiging.

2.2.3 Alcohol op cursus

  • Ook op cursus mogen –16-jarigen geen alcohol consumeren. We volgen dus expliciet dezelfde regels als voor andere JNM-activiteiten (zie opsomming van de basisregels onder 2. Alcohol).

  • Het is op cursus zeer belangrijk dat er een gesprek plaatsvindt met de deelnemende leden waarin afspraken gemaakt worden over alcoholconsumptie tijdens de cursus, en over hoe de groep omgaat met mensen die deze afspraken niet nakomen. Alle voor- en nadelen moeten daarin aan bod komen en we vertrouwen op de instructeurs om dit gesprek in goede banen te leiden! Organisatoren van een cursus kunnen te rade bij de drugs- en alcoholverantwoordelijke voor tips en tools om dit gesprek in goede banen te leiden. Ook is het de verantwoordelijkheid van de instructeurs om (al dan niet een verkorte versie) van het drugs- en alcoholbeleid te introduceren voor/tijdens dit gesprek. De afspraken rond alcohol- en druggebruik worden steeds duidelijk vermeld in de convo en bij het begin van de cursus.

2.3   Drugs

Drugs worden over de ganse lijn verbannen uit onze organisatie. Hoewel het strenge wettelijke onderscheid tussen alcohol en bepaalde drugs (zoals cannabis) door sommige JNM’ers als onlogisch wordt ervaren, moeten wij ons als organisatie houden aan het wettelijk kader. Daartoe zijn we naar onze leden (en hun ouders) verplicht. We erkennen het feit dat alcohol als drug zo een gedoogbeleid krijgt dat we andere drugs niet (kunnen) geven. Concreet hanteert JNM de volgende richtlijnen:

  • Het bezit en/of gebruik van illegale drugs moet ten alle tijden gesanctioneerd worden. Hoe dit gebeurt, wordt verder uitgediept in het hoofdstuk “sanctionering”.

  • Bij elk bezit en/of gebruik wordt steeds de overweging gemaakt om ouder(s)/voogd, politie, Bestuur van JNM, afdelingsbestuur en/of andere instanties te contacteren. Deze afweging wordt gemaakt op basis van de criteria vermeld onder “4. Inbreuken en sanctionering” en, in het geval van ouder(s)/voogd, de leeftijd van de betrokkene en diens thuissituatie.

    • Voor minderjarige betrokkenen hebben ouders/voogden in principe een “recht op informatie”. Als ouders/voogden niet ingelicht kunnen worden zonder veiligheid van het kind in het gedrang te brengen kunnen er in plaats van de ouders/voogden andere vertrouwenspersonen aangesproken worden, met inspraak van kind/jongere zelf.

    • Dealen wordt niet getolereerd binnen onze werking (onder dealen verstaan we het bezorgen van illegale drugs aan andere deelnemers of derden op JNM-activiteiten, ook wanneer men niet tot doel heeft om hiermee winst te maken). Wanneer iemand wordt betrapt op dealen, wordt er sowieso een sanctioneringsprocedure opgestart. Een deel van die procedure kan een melding bij de politie zijn. Dealen aan minderjarigen en/of met als doel om winst te maken worden gezien als verzwarende factoren bij de overweging om al dan niet melding te maken bij de politie. Deelnemers aan een initiatief die betrapt worden op dealen, worden zwaarder gesanctioneerd dan gebruikers, zie ook hiervoor het hoofdstuk “sanctionering”.

2.4   Roken & vapen

Onder de noemer “roken & vapen” rekenen we alle rookwaren  die kunnen geïnhaleerd worden (sigaretten, (nicotine-houdende) vapes/e-sigaretten en hun aanverwanten).

We verwijzen hier enkel naar legale middelen die volgens de wet verkocht mogen worden (aan +18-jarigen). Illegale middelen, die niet verkocht mogen worden in België, hebben sowieso geen plaats in JNM (zie hiervoor sectie 2.3 Drugs). In het voorgaande deel ‘drugs’ vind je de positie van de JNM inzake bezit en gebruik van illegale middelen.

JNM hanteert rond roken de volgende basisregels op evenementen, activiteiten (waaronder kampen?) en cursussen:

  • JNM zal nooit rookwaren aanbieden of verkopen.

  • Minderjarige JNM’ers mogen niet roken (dit geldt voor piepers, ini’s en voor minderjarige gewone leden)

  • Roken kan enkel gebeuren op daarvoor voorziene rookzones, conform de geldende wetgeving op dat moment. Dat wil zeggen dat er bv. niet aan het kampvuur of de foertent gerookt kan worden. Roken kan ook nooit in afgesloten ruimtes (gebouwen, tenten, toiletten,...). JNM waakt erover dat de aangeduide rookzones enkel hun oorspronkelijke nut dienen, en geen “chillzones” worden waar ook niet-rokers naartoe worden getrokken. We begrijpen dat roken in bepaalde gevallen een behoefte is, maar het nuttigen van rookwaren mag geen sociale activiteit worden.
    TIP: Overweeg als organisator van een kamp of evenement om regels te maken rond het max. aantal personen dat tegelijk mag roken. Zo vermijd je een splitsing in de groep tussen rokers en niet-rokers.

  • In een jeugdbeweging hebben de begeleiders een voorbeeldfunctie: roken in het bijzijn van piepers of ini’s is dus uit den boze. Installeer de rookzones als organisator dus op voldoende afstand van het evenement zelf zodat er zo weinig mogelijk passanten zijn.

  • Het is wettelijk verboden om te roken op publieke plaatsen met speeltuigen. Kijk voor meer informatie hierover onderaan bij ‘Wat zegt de wet?’.

3    In de afdeling

We verwachten dat onze afdelingen zich volledig achter deze alcohol- en drugsnota scharen en er ook effectief werk van maken. Afdelingen die een eigen alcohol- en drugsbeleid willen voeren, kunnen dat. De afdeling in kwestie stuurt het verslag waarin het alcohol- en drugsbeleid werd opgesteld door naar drugsenalcohol@jnm.be en maakt dit openbaar. De Drugs- en Alcoholverantwoordelijke (D&A) leest het beleid door en kijkt of dit voldoet aan het organisatiebrede drugs- en alcoholbeleid. Een afdelingsbeleid kan strenger zijn of meer in detail gaan, maar nooit meer drug- of alcoholgebruik toelaten dan de minimale vereisten vooropgesteld in deze tekst. Bij twijfels over wettelijkheid of wenselijkheid van het alcohol- en/of drugsbeleid van een JNM-afdeling brengt de D&A het Bestuur op de hoogte, dat hierin een eindbeslissing kan nemen. Uiteraard gebeurt dit in nauwe dialoog met de afdeling.

Los van het hebben van een geschreven beleidsdocument moedigen we afdelingen aan om voor kampen of evenementen samen te zitten met de leidings- of deelnemersgroep en afspraken te maken rond (drugs &) alcohol die door iedereen gedragen worden. We raden ook aan om het huidige (nationale of afdelings-)beleid nog eens op te frissen voor aanvang van een kamp of evenement, als handvat/kader waarbinnen afspraken gemaakt kunnen worden.

4    Inbreuken & sanctionering

Los van het voorziene kader, kan het altijd eens misgaan. JNM wil een veilige ruimte zijn waarin JNM’ers ook hun eigen grenzen kunnen aftasten en kunnen leren omgaan met middelen als alcohol, tabak en nicotine. Tegelijkertijd kan het gebeuren dat iemand zodanig fel over de eigen grenzen gaat, of die zodanig frequent opzoekt zonder enige vorm van leerproces, dat de grenzen van anderen in de omgeving, van de groep of van activiteitenorganisatoren overschreden worden.

De JNM hecht belang aan het case-per-case beoordelen van gevallen waarbij regels omtrent alcohol, drugs, roken en/ of vapen werden overschreden. Deze case-afhankelijke benadering zorgt ervoor dat de ervaring van alle partijen in acht worden genomen en belangrijke nuances belicht worden. Tegelijkertijd willen we ook continuïteit en objectiviteit verzekeren gedurende het sanctioneringsproces. Daarom lijsten we een aantal criteria op aan de hand waarvan we een casus beoordelen:

  • Het overschrijden van het beleid

  • De criminele aard van de feiten

  • De veroorzaakte last voor organisatoren

  • Klachten vanuit andere JNM’ers

  • Schade aan andere personen of aan eigendommen

  • Herhaling van het gedrag

  • Afwezigheid van schuldinzicht achteraf

  • Leeftijd en ontwikkelingsniveau

  • De gedragen verantwoordelijkheid op moment van de feiten

Het is niet de rol noch de verantwoordelijkheid van de D&A om JNM’ers te sanctioneren. Wel geeft de D&A advies aan het Bestuursorgaan. Het Bestuursorgaan is, naast de AV, het enige bevoegde orgaan om JNM’ers sancties op te leggen. Om de integriteit van betrokkenen te garanderen, kiest JNM er bewust voor om mogelijke sancties op een Bestuursvergadering te agenderen en niet op een AV. Bestuursvergaderingen waarop sancties besproken worden, zijn altijd intern, met uitzondering van de API’s (en de D&A indien het gaat over drugs en alcohol). Dit betekent dat andere JNM’ers niet op deze vergadering aanwezig mogen zijn.

Een betrokkene waarvoor een sanctie wordt overwogen omwille van handelen in strijd met het D&A-beleid, heeft het recht om gehoord te worden op een bestuursvergadering voorafgaand aan de bestuursbeslissing. Sancties worden dus steeds voorafgegaan door een constructief gesprek met de betrokken persoon, waarin informatie wordt uitgewisseld en hun visie wordt gehoord. Deze dialoog betekent echter niet dat sancties kunnen worden vermeden als deze noodzakelijk blijken. Wanneer het beleid overschreden is en sancties nodig zijn, worden deze opgelegd, nooit met het doel om iemand te veroordelen of te beschamen, maar vanuit een bezorgdheid voor de betrokken persoon en om de veiligheid binnen JNM te waarborgen. Indien er wordt overgegaan tot een sanctie, maakt het Bestuur hiervan een duidelijke verantwoording over aan de betrokkene.

Welke sancties behoren tot de mogelijkheden?

  • Informele waarschuwing

  • Officiële waarschuwing vanuit het bestuur

  • Verbod op alcoholconsumptie binnen de werking (tijdelijk of permanent)

  • Gedeeltelijke schorsing (bv. Verbod om aanwezig te zijn op specifieke activiteiten zoals feestjes, verbod om aanwezig te zijn op piep- of iniactiviteiten, verbod om leiding te geven…)

  • Volledige schorsing van bepaalde of onbepaalde duur

  • Uitsluiting

Wanneer er een gedeeltelijke of volledige schorsingsprocedure wordt opgestart, kan dit op initiatief van het Bestuur (al dan niet op aanraden van de D&A) of van een API. De D&A zelf kan dus niet eigenhandig sanctioneren. Tijdens een schorsing kunnen er tussentijdse incheck- of evaluatiemomenten worden ingebouwd met een API. Een API kan het Bestuur vragen een schorsing vroegtijdig op te heffen, indien zij het gevoel hebben dat een verderzetting niet langer noodzakelijk is om de veiligheid van andere JNM’ers te garanderen.

Een schorsing van onbepaalde duur is enkel mogelijk indien de betrokkene reeds  voor een totale periode van 3 jaar onderhevig is geweest aan een schorsing. Hier kan de betrokkene in kwestie altijd tegen in beroep gaan bij het Bestuur. Voor een uitsluiting is tussenkomst van de AV nodig. Omwille van de publieke aard van de uitsluitingsprocedure wordt deze zelden tot nooit gebruikt binnen JNM.

We verwijzen voor de gedetailleerde procedures door naar artikel 63 en 64 van het Intern Reglement.

Los van sanctionering vanuit het Bestuursorgaan, kan ook een afdeling beslissen om een lid te schorsen uit de werking. Het gaat dan enkel om een schorsing uit de afdelingswerking, die geen repercussies heeft op een eventuele deelname aan de nationale werking. Een afdeling kan hiervoor eigen regels hanteren, maar werken met een 2/3de meerderheid wordt geadviseerd. Indien het gaat om een sanctionering die verband houdt met drugs en alcohol, wordt er ook geadviseerd om advies in te winnen bij de D&A. Een schorsing uit de afdelingswerking wordt altijd meegedeeld aan een API en een bovo. We verwijzen voor de procedure voor afdelingen door naar artikel 66 van het Intern Reglement.

WAT ZEGT DE WET?

Opdat jullie het zelf niet moeten op zoeken…

  • Het is ten strengste verboden sterke drank te verkopen of te geven aan minderjarigen (min 18 jaar). Het gaat over wodka, rum, whisky, Bailey’s, pisang, passoa, alles wat daarmee gemixt is en nog veel meer.

  • Alcohol geven aan -16-jarigen is strafbaar.

  • Rijden met auto, motorfiets of fiets onder invloed van alcohol (meer dan 0,5 promille in je bloed) of drugs is strafbaar.

  • Het gebruiken, bezitten, uitdelen of verkopen van illegale drugs is verboden

  • Cannabis is een illegale drug.

  • Minderjarigen (-18) mogen dus geen cannabis gebruiken.

  • Meerderjarigen (18+) mogen ook geen cannabis gebruiken, maar worden waarschijnlijk niet vervolgd voor cannabisgebruik of bezit (voor persoonlijk gebruik), tenzij bij verzwarende omstandigheden:

    • Gebruik of handel in aanwezigheid van minderjarigen, of hen aanzetten tot gebruik

    • Lid zijn van een vereniging die drugs levert

    • Door cannabisgebruik bij anderen een ongeneeslijke ziekte, blijvende arbeidsongeschiktheid, verlies van een orgaan, zware verminking of de dood veroorzaken

    • Als je de openbare orde verstoort

    • Bezit in jeugdlokalen, scholen of hun omgeving, een gevangenis, een instelling voor jeugdbescherming, of opvallend bezit in een openbare plaats of op een plaats die toegankelijk is voor het publiek

  • Roken is verboden op openbare plekken waar één of meerdere speel- of sporttoestellen zijn. Als er openbare speeltoestellen op je terrein of kamplocatie staan, of je lokaal in een school ligt, dan geldt er een rookverbod voor iedereen die gebruik maakt van deze plekken en ruimtes, dus ook huurders. Een tijdelijke constructie zoals een gesjord toestel wordt niet bekeken als speeltuig. Wanneer er een verbod geldt, moet je 10 meter afstand nemen van de ingang.

Wil je graag meer lezen over wat de wet zegt? Dan kan je terecht op de volgende plekken: