Discretieplicht en geheimhoudingsplicht
In de vrijwilligerswet staat wat basisinformatie die elke werkmier moet kennen. We sommen het kort even op.
De discretieplicht van de vrijwilliger
JNM verwacht dat haar vrijwilligers de wet op de privacy respecteren. Daarnaast werd de vrijwilligerswet van 2005 aangepast en heb je als vrijwilliger nu ook discretieplicht.
Eigenlijk houdt dat vooral in dat je, als vrijwilliger van JNM, geen gevoelige of interne informatie van JNM als organisatie aan jan en alleman gaat rondvertellen. Vooral API's, bijvoorbeeld, maar ook afdelingsbesturen, bovo's, nationale bestuurders en JNM-personeelsleden hebben regelmatig kennis van cruciale of gevoelige informatie binnen JNM (denk bijvoorbeeld aan API-cases, de financiën van JNM, interne conflicten...). Vrijwilligers worden, net als werknemers, geacht hierin discreet te zijn, en ook onderling enkel te bespreken wat nodig is - niet wat bijkomstige informatie is.
Als JNM'er heb je dus géén beroepsgeheim - ook niet als API. Dat betekent dat je, als er bijvoorbeeld strafbare feiten gepleegd zijn, wél verplicht bent om hierover informatie te verschaffen aan de politie. Artsen, daarentegen, psychologen of advocaten hebben wél beroepsgeheim tegenover hun cliënten en daardoor een zogenoemd 'zwijgrecht', ook tegenover de politie (weliswaar onder bepaalde voorwaarden). Dit heeft dus niemand in hun functie binnen JNM.
Lees hier alle info over het verschil tussen discretieplicht en geheimhoudingsplicht.